Vadersnaam van een Germaanse persoonsnaam, afgeleid van Latijn bene; goed, del; zoon van of weinig. 2. Of van bent of bunt, soort gras. 3. Middelnederlands bindel(e): al wat gebonden is, bundel, gordel. Beroepsnaam van de bundelmaker, de binder. 5. Duits Bendel: lint. Beroepsnaam van de lintenmaker, lintenverkoper